Categorie Teruglezen

Dienaren van de vreugde

 

Broeders en zusters,

Als het gaat over de preek dan wordt er vaak geproblematiseerd. De toekomst lijkt in onze cultuur niet aan het woord maar aan het beeld. Mensen kijken liever series dan dat ze boeken lezen en de preek lijkt in de beeldcultuur een relict uit een ver en grijs verleden. Tegen die achtergrond is de titel voor het evenement dat we vandaag meemaken tegendraads te noemen. De preek wordt vandaag niet geproblematiseerd maar gevierd, het is mogelijk er een festival over te organiseren, de preek als reden tot een feestje, het woord als een bron van vreugde.

Ik denk dat er inderdaad wel iets voor te zeggen is de preek een keer in dat licht te bezien. Rudolf Bohren begint er in ieder geval zijn Predigtlehre mee. Predigtlehre is volgens hem ‘Lehre zur Freude’. Vreugde is de bron waar de verkondiging aan ontspringt en vreugde is dat wat de preek bij hoorders wil bewerken. Op die paragraaf over vreugde volgen heel veel andere paragrafen maar zonder vreugde gaat het ook niet wat worden. Ik wil daarom in deze afsluitende viering een paar gedachten met u delen over de vreugde van de verkondiging. Ik laat me daarbij graag op weg helpen door de teksten die we gelezen hebben.

Bron

In de lezing uit de Romeinenbrief voert Paulus door middel van een reeks retorische vragen geloven terug op horen, het horen op de verkondiging, en de verkondiging op het gezonden zijn. Hoe kunnen ze in hem geloven als ze niet over hem hebben gehoord? En hoe kunnen ze over hem horen als hij niet verkondigd wordt? En hoe kan iemand verkondigen als hij niet is uitgezonden? Door middel van deze vragen brengt Paulus ons bij de bron van het goede nieuws dat wij verkondigen. De bron van de verkondiging is de Heer die ons zendt. Zonder zijn daden zouden wij niets te melden hebben. En zonder zijn woord zouden wij met de mond vol tanden staan. Als de preek reden is tot feest dan is God zelf de aanstichter van dat feestje. Hijzelf zendt vreugdeboden uit om aan Sion te verkondigen: je God is koning. Het goede nieuws dat heel het volk met vreugde zal vervullen komt bij Hem vandaan.

Nu is het woord waarmee Hij ons op pad stuurt ook kritisch. Het kan er ook om gaan te overtuigen van zonde, schuld en oordeel, maar ook daarin zijn wij dienaren van de vreugde, want de kritiek richt bedoelt alles wat de vreugde in de weg staat uit de weg te nemen en er is geen grotere vreugde in de hemel dan vreugde over de zondaar die zich bekeert. Nu, dat was mijn eerste gedachte, als de verkondiging reden is tot feest dan is God zelf de aanstichter van dat feest want Hij is degene die ons zendt.

De vreugde van de bode

In de lezing uit Jesaja worden de mannen en de vrouwen die het goede nieuws verkondigen vreugdeboden genoemd. Die titel zal vooral te maken hebben met de hoopvolle boodschap die zij verkondigen, maar het riep bij mij ook even de vraag op of de verkondiging van het evangelie mijzelf als verkondiger ook blij maakt. Is het werk dat wij doen in een zaak van vreugde voor ons? Om eerlijk te zijn ik kan er zelf best wel tobberig over doen. De problematisering komt bepaald niet alleen van buiten. De zoektocht naar een woord om te spreken brengt je soms in de woestijn. Willem Jan Otten zegt het prachtig in een gedicht uit de bundel Eindaugustuswind. Welkom eerste zinnen, God weet over welke Sahara jullie ditmaal kwamen. Jullie zullen die Sahara ongetwijfeld ook kennen maar daar tegenover staat dan wat Kees van Ekris een poosje terug ‘de kleine extase’ noemde. De vreugde over van het vinden van een woord dat alles open maakt. Jeremia zegt het ergens in een woord wat mij zeer dierbaar is zo: Telkens als ik uw woorden vond nam ik ze als voedsel tot mij, uw woorden gaven mij een diepe vreugde, want ik behoor u toe. Sytze de Vries heeft een prachtig lied geschreven over Jeremia en zijn roeping. Het eindigt zo:

Ik ben gevangen door zijn stem,

mijn leven spreekt alleen van Hem,

mijn God; hij zit mij in het bloed,

dat maakt mijn leven bitter zoet.

 

Dienaren van de vreugde

Ik wil afsluiten met een gedachte over de hoorder van de preek want we preken niet om onszelf te vermaken. We worden de wereld ingezonden om dienaren te zijn van de vreugde van anderen. Paulus schrijft aan de gemeente van Korinthe: wij zijn medearbeiders aan uw vreugde. In de vreugde van de hoorder komt de preek tot haar doel. Als het evangelie als blijde boodschap wordt omarmt dan is het feest. Als het horen leidt tot geloven is ons werk niet tevergeefs geweest. Paulus kan de ontvangers van zijn brieven daarom zijn blijdschap en zijn kroon noemen en op die manier ontstaat er wederkerigheid. Als er vreugde is bij de hoorder dan is er ook vreugde bij de verkondiger. Een binnenpretje kan geen kwaad maar echte feestjes vier je samen. In de kerk vieren we dat feest in het lied en in de maaltijd.

De preek ontspringt aan vreugde en leidt tot vreugde. Daar is niet alles mee gezegd. Daar is ook niet uitputtend mee omschreven hoe het in de praktijk toegaat, maar juist dan is het zinvol hier toch aan herinnerd te worden. Laten we leven van de overvloedige vreugde die te vinden is in Gods nabijheid en het woord van de apostel ter harte nemen: ‘Laat de Heer uw vreugde blijven, ik zeg u nogmaals, wees altijd verheugd.’

Ds. Hendrik Mosterd,

Amersfoort, Preekfestival, 17 september 2019.