Categorie Teruglezen

Preekfestival 17 september 2019

 

U vraagt mij om enkele ervaringen als luisteraar, mee belever van de door U overgedragen woorden aan u terug te geven en laat ik maar direct beginnen met een vroege ervaring van hoe het niet moet- het was ruim 40 jaar geleden. Ik was in die jaren jeugdouderling, dertiger en met een jong gezin en werkzaam bij Shell. Op een gegeven zondag morgen preekte de jonge predikant- hij stond daar een jaar of zo en was enthousiast links geëngageerd (PPR of zo); midden in zijn preek schoot hij uit de bocht en sprak de woorden. En Shell moet ook weg uit Zuid Afrika, hè broeder Willems; als door een wesp gestoken stond ik op en riep de predikant toe. Dominee: u bent gevraagd om de Bijbel uit te leggen en niet te spreken over Shell en Zuid Afrika, waar u niets vanaf weet en niet voor hebt gestudeerd.

U moet weten dat Mandela, toen hij de Nobel prijs kreeg de destijds CEO van Shell Lo van Wachem had uitgenodigd omdat zijn ( mijn bedrijf )op zo’n voortreffelijke wijze de transitie in Zuid Afrika - jaren voor dat hij aan het bewind kwam, de jaren tachtig dus- had mee helpen voorbereiden. U begrijpt het denk ik wel. Dat zijn geen preken die het verhaal van Jezus Christus doorvertellen. Maar hoe dan wel?

Om te beginnen heb ik sterk de indruk dat het verhaal doorvertellen vandaag voor de jongeren generatie heel anders moet dan wij 20, 50 jaar geleden gewend waren. De social media hebben de wereld om ons heen veranderd. Waar we 50 jaar geleden met gemak een half uur konden luisteren, zie ik dat veel jongeren vandaag dat moeilijk doen en moet ik bekennen dat ik na 15 minuten ook snel afgeleid ben.

Wat zijn de dingen die mij bijblijven van een preek.

Voorafgaand: De kerk is de hoedster van de Bijbel; de doorgegeven woorden van het Heil van Christus aan telkens weer de volgende generatie en daarin speelt preken een belangrijke rol, maar duidelijk niet de enige. Uitgangspunt is verder dat geloven niet een kwestie van zelf keuzes maken uit de diverse geloofsmogelijkheden (religies) is, maar een geroepen zijn door God en dat daarom een preek een proces is van blijvend die roep bevestigen en versterken door uitleg en toepassing van de woorden ons in het verleden meegegeven.

Wat zijn voor mij essentiële zaken die horen bij een preek:

1) Leg de Bijbel uit en verbind die met het dagelijks leven van de mensen, het gehoor. De Bijbel is geen abstract boek. Zoek verbinding met wat leeft in gemeente of stad, dorp of land.

Okke Jager zei eens tijdens een periode van grotere werkloosheid in een van zijn avondsluitingen: Werkloosheid bestaat niet, baanloosheid wel in het Koninkrijk van God. Er is altijd werk; ik meen dat hij die uitspraak deed bij de gelijkenis van de talenten. Soms werkt ook voor mij een preek in 2 delen, d.w.z. een korte uitleg….wat staat er… en dan een moment van lofzang en reflectie en dan…..wat betekent dit voor ons dagelijks leven?

2) Diverse Bijbelvertalingen naast elkaar leggen bij de uitleg helpt.

3) Voor mij is van groot belang en maakt of valt een preek voor mij wanneer ik voel dat diegene die het woord verkondigt ook zelf gelooft wat hij of zij zegt - waarbij het mij niet zozeer om zekerheden gaat – je voelt dat vaak; in de jaren 70 en ook wel 80 van de vorige eeuw was er een groot aantal theologen opgeleid( vrucht van doorgaande secularisatie) die moeite hadden met een aantal Bijbelse kernbegrippen als hemel en hel en zonde en schuld, gevoed doordat wetenschap tegenover geloof werd gesteld ; Een voor mij onbegrijpelijke en langdurende splijtzwam aan o.a. de VU en andere theologische opleidingen waarbij theologen een aversie ontwikkelden voor de christelijke wijsbegeerte, ontwikkeld door Dooijeweerd en zijn zwager Vollenhoven? Voor mij heeft dit filosofisch gedachtengoed tot resultaat gehad dat ik geloof nooit tegenover de wetenschap heb gesteld omdat de werkgebieden.(Wetskringen noemde Dooyweerd dat) over zulke verschillende zaken gaan en het gewoon niet kan om ze tegenover elkaar te stellen. Vandaag zie ik top wetenschappers (natuur en scheikunde , Ben Feringa, Cees Dekker,Carlo Beenakker Beatrijs de Graaf)overtuigd christen zijn en geen hangup hebben over die vermeende tegenstelling.

Ik ga met plezier naar de kerk zondags of hoor een preek via een podcast ; ook zo’ n mooie nieuwe vorm in aanvulling op Kerkomroep. Al zeilend met 4 vrienden gebruiken wij die podcast, 5 vrienden waarvan er maar twee regelmatig naar de kerk gaan en de andere drie zich door zo’n podcast wel weer gesterkt voelden.

Wat ook kan helpen is dat zo nu en dan een preek wordt voorbereid in de gemeente met een gespreksochtend vooraf. Onze vorige predikant in De Duinzicht kerk werkte daar mee en dat beviel erg goed.

4) Ik ben een groot voorstander van veel experimenteren met de vorm van overdracht en uitleg en het toestaan van gebruik van moderne communicatie middelen. Voor mij is intussen vrij duidelijk dat jongeren zich helemaal niet aangesproken voelen door de wijze van kerkbeleving van de oudere generatie. Dat betekent niet dat we de zegeningen van het verleden weg gooien, maar wel naar nieuwe kerkvormen – overdrachts vormen- moeten zoeken; iets waar we met de pioniersplekken in de PKN heel sterk mee bezig zijn- met veel vallen en opstaan.En ja het zal vast wel meer vallen zijn dan opstaan, maar het moet toch. In het bedrijfsleven – ondernemen- gaat dat net zo.

5)Wees zelf bescheiden en realiseer je dat – als een preek je niet ligt- om wat voor reden dan ook- het lang niet altijd ligt aan diegene die het woord brengt, maar vaak ook aan jezelf omdat je gewoon met andere dingen in je hoofd bezig bent dan het echte luisteren.

Ik noem vervolgens twee recente initiatieven die mij zeer aanspreken:

Eerst dit een initiatief van de EO en de IZB met podcasts elke morgen om 6 uur naar je geappt met het lezen van een tekst en korte uitleg en gebed Of het prachtige initiatief website Grote vragen van Forum C, prima materiaal voor jongeren die googelend antwoorden krijgen op inderdaad grote vragen. Folders liggen in de kerk.

Ik ben dankbaar voor de vele nieuwe initiatieven rond de pioniers plekken in de PKN en zou willen eindigen met een uitspraak van iemand die zijn geloof in God kwijt geraakt is, maar toch soms verstandige dingen zei: Charles Darwin, die als agnost (daar blijft discussie over) zei:

Het zijn niet de sterksten die overleven, maar degenen die zich het beste aanpassen aan de omgeving: Dat geld ook voor de kerk en daarom geloof ik dat zolang de mensheid bestaat de kerk ook zal bestaan in een of andere vorm. En wel omdat God ons niet in de steek laat.

 

Rein Willems