Preekfestival: keuzestress, speeddaten en eindelijk iets terugzeggen

‘Vanaf nu heten we participatiekerk’

Preken. Ze zijn te moeilijk of te oppervlakkig, saai of juist opruiend, te vrijblijvend of te politiek, hier te kort en daar te lang. Bij een breed publiek worden ze ook nog eens geassocieerd met opgeheven vingertjes en oproepen tot haat en uitsluiting. Van al dat getob is weinig te merken op het eerste Preekfestival. Integendeel: het gaat er ontspannen en bij vlagen hilarisch aan toe tijdens deze dag vol inspiratie en uitwisseling. Preken blijkt een vreugdevol werk te (kunnen) zijn.

 Ruim 400 (aankomend) predikanten, pastoraal werkers en anderen die iets met preken hebben, zijn op de derde dinsdag in september afgereisd naar de St. Joriskerk in hartje Amersfoort. Geen zwarte pakken, opvallend veel (jonge) vrouwen. De enige die in één oogopslag als geestelijke herkenbaar is, is ‘twitterpriester’ Jan-Jaap van Peperstraten, een van de representanten van het katholieke smaldeel op dit evenement. In de deuropening staat behalve een gastvrouw ook een ‘preekdokter’, herkenbaar aan een lange witte jas. Zij en haar collega-specialisten zullen deze dag beschikbaar zijn voor eerste hulp bij preekvragen. Het duo Wilde Eend brengt de stemming erin met aanstekelijke klezmermuziek. De koek bij de koffie is gebakken door een gemeentelid van de St. Joris: Anna Yilmaz, winnares van Heel Holland Bakt 2018.

Rode baard

Bij wijze van knipoog naar Prinsjesdag worden er alternatieve ‘Troonredes’ gehouden. Journalist en Windesheim-docent Karel Smouter (‘de koning kon hier niet zijn, maar Karel heeft ook een rode baard’, aldus de introductie) heeft wat tips om het debat in en buiten de kerk naar een minder hoger en vruchtbaarder niveau te tillen. ‘Voor elke toon is er een tijd.’ (…) ‘Iedereen heeft wel eens gelijk.’

‘Het gaat om goede vragen, in plaats van elke keer het juiste antwoord.’

Een bijeenkomst als deze wordt natuurlijk in stijl geopend met een liturgische viering, waarin een glansrol is weggelegd voor het Vocaal Theologen Ensemble. Behalve Prinsjesdag is het ook de gedenkdag van de Hildegard van Bingen – een goede reden om muziek van deze middeleeuwse mystica ten gehore te brengen. Ds. Kees van Ekris, verbonden aan de IZB, reflecteert op woorden uit Efeze 3: ‘De bereidheid om voor de ander te lijden. Om het tekort van de ander aan te vullen. Als we dát eens meer zouden hebben in de kerk.’

Zoals vroeger

Eén grote onemanshow, zo’n preek. Je kunt niet reageren. Hoeveel (ex-)kerkgangers zullen die verzuchting hebben geslaakt? Onder het motto ‘Zeg ’s iets terug…’ krijgen enkele bekende Nederlanders de gelegenheid wél een keer iets terug te zeggen. Ir. Rein Willems bijvoorbeeld, oud-president-directeur van Shell Nederland. Hij heeft overigens al eens eerder iets teruggezegd, tijdens de preek nog wel. ‘Dat was een jaar of 40 geleden, toen een links geëngageerde dominee – PPR of zo – zei: “En Shell moet ook weg uit Zuid-Afrika.” Toen ben ik opgestaan.’

Jannetje Koelewijn, NRC-journaliste, vertegenwoordigt een piepkleine minderheid deze dag. Althans, dat veronderstelt ze zelf: ‘Ik ben waarschijnlijk de enige ongelovige hier.’ Wat niet wegneemt dat de liederen die ze gehoord heeft vanmorgen ‘wel binnenkomen.’ Ze vertelt beeldend over haar inmiddels overleden ouders, die ofschoon ze ook al afscheid hadden genomen van het geloof, een paar jaar geleden weer eens naar de kerk wilden, in Amsterdam. Om precies te zijn naar de Noorderkerk, ‘daar zijn de diensten nog zoals vroeger.’ Paul Visser stond (en staat) daar. Samenloop van omstandigheden: vandaag zit hij vooraan; Jannetje – die hem voor haar krant al eens uitgebreid interviewde – kan het niet nalaten hem vanachter het spreekgestoelte rechtstreeks aan te spreken.

Flauwgevallen

De eerste workshopronde, er zullen er later op de dag nog drie volgen. Natuurlijk heeft iedereen thuis al een selectie gemaakt uit het gevarieerde aanbod, maar de keuzestress is bijna tastbaar aanwezig. Wil ik worden bijgepraat over eigentijdse vertolking, of in gesprek met en ervaren predikant? En als ik straks naar “Actief luisteren” ga, moet ik de Preek van de Leek aan me voorbij laten gaan. Het is òf de workshop over stadsdominees òf die rond kinderen in de kerkdienst. Ook voor een leek is er een grote hoeveelheid interessants te halen.

Neem nou de workshop ‘Mijn eerste jaar in de pastorie’. Twee piepjonge predikanten, twee iets oudere (die eerst een ander beroep hadden) vertellen ontwapenend eerlijk over hun worstelingen. Annemarie Six-Wienen: ‘Ik heb in de nacht van zaterdag op zondag wel eens wakker gelegen over de preek die ik zou houden. Het kon echt niet. ’s Ochtends vroeg heb ik hem herschreven.’ In de categorie opmerkelijke feitjes: ‘Er zijn na de preek wel eens twee mensen flauwgevallen. Het was warm, maar toch. De preek – over het volgen van Jezus – was confronterend en deed veel stof opwaaien.’

Barbara Lamain vindt het jammer dat ze zelf weinig meer in de kerk komt, ze mist de proclamatie. ‘Ik ga wel eens met een bevriende rooms-katholieke priester naar de mis; daar ontvang ik de zegen. Het is belangrijk dat iemand zijn hand op mijn hoofd legt.’ Thijs van Meijeren hikte aanvankelijk aan tegen de ‘oorverdovende stilte. De feedback bleef uit. Wat doen mijn preken? Het was een enorme confrontatie met mijzelf.’ Inmiddels kan hij de stilte waarderen (en krijgt hij trouwens meer terug).

Oppotten

Ook de middagpauze vraagt om keuzes. Het is verleidelijk om lang te blijven hangen in de Amersfoortse binnenstad, waar het fraaie weer en het ruime aanbod aan horecagelegenheden toe uitnodigen. Maar je wilt ook niet te veel missen van het doorlopende programma in de Joriskerk: speeddaten voor ‘women only,’ praten met de pers. Wie na alle verbale geweld juist even de stilte wil zoeken, kan terecht in de doopkapel.

In de koffiehoek nog een paar alternatieve troonredes. Cieka Galenkamp, coördinator van de Voedselbank Amersfoort, stelt het oppotten aan de kaak, waar nogal wat kerken zich aan schuldig maken. Leg dat maar eens uit aan iemand die niet weet hoe ze een rekening van vijftig euro moet betalen. Ook de Vlaamse theoloog en opiniemaker Kelly Keasberry legt de vinger bij de oneerlijke verdeling: een poetsvrouw verdient tien euro per uur, en Dominique Leroy, de nieuwe Belgische topvrouw van KPN, ziet met deze overstap haar inkomsten bijna verdubbelen. ‘Breekt er niet onherroepelijk een punt aan van genoeg-is-genoeg?’ is haar retorische vraag. Enkele dagen later zal Leroy onder vuur komen te liggen vanwege vermeende fraude met aandelen, maar dat terzijde.

Mosterd na de maaltijd

In zijn alternatieve troonrede staat Roel Kuiper, rector van de TU Kampen, stil bij een ander type minima. Hier betreft het degenen die stuiten op een drempel als ze naar binnen of naar buiten willen. Maar daar gaan we, als het aan Kuiper ligt, korte metten mee maken. ‘Vanaf nu heten we participatiekerk. Die vraagt niet naar registratie.’

We zijn intussen beland bij de slotbijeenkomst, en ook die staat als een huis. Bij wijze van ‘mosterd na de maaltijd’ (z’n eigen nederige woorden) houdt Anton de Wit, hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad, een causerie. ‘Beschouw mij maar als een katholieke nar.’ Met een verwijzing naar Prinsjesdag: ‘De koning heeft een nar naast zich – nee, daar bedoel ik niet koningin Máxima mee.’ Hij weet een relativerende voetnoot te plaatsen bij alles wat vandaag gezegd is over doortimmerde, actuele, contextuele, begrijpelijke, verrassende preken: ‘Een goede preek is de preek die je weer vergeet.’

In het dorp, maar niet van het dorp

‘Durf ik hun keus ter discussie te stellen?’

‘Veel dingen gaan zoals ze gaan’. Het is de constatering, en ook een beetje de klacht, van een aantal bezoekers die de werkshop volgen over preken op het platteland, onder de titel “In het dorp, maar niet van het dorp”.

Twee van de drie inleiders lopen aan tegen de welvaart in hun gemeente. Ds. Marloes Meijer, van de protestantse kerk in het Brabantse Engelen (‘hoogopgeleide mensen met een goed inkomen, goed verstand en goed gevulde voorraadkasten en wijnkelders’) probeerde dat ooit aan de kaak te stellen, vanuit de tekst uit Lukas 12 waarin tegen hebzucht wordt gewaarschuwd. ‘Oei. Daar zitten we dan, met onze comfortabele huizen, goede auto’s en fietsen en al die dingen die we bezitten.’

‘Het leven is niet maakbaar’

Ds. Jolanda Aantjes in Hall op de Veluwe heeft deze zomer de brief aan Laodicea (Openbaring 3) op haar eigen gemeente toegepast: ‘Jullie hebben het goed in Hall. Het is er mooi wonen. Sommigen van jullie wonen zelfs heel goed. Wat een rijkdom! (…) Kinderen… Zet je hart niet op de AOW, op je pensioen, op je bankrekening, op je huis. Zit niet vast aan medische behandelingen tot het uiterste, het leven is niet maakbaar tot het einde…’

Of het ook aankomt is moeilijk te zeggen. ‘Je hoort nooit iets’, klinkt het enigszins gelaten uit de zaal. ‘Ze vinden wel wat, maar daar kom je pas via-via achter.’ Zoals je als predikant ook pas na verloop van tijd ontdekt welke gevoeligheden onder de oppervlakte leven. Familieverhoudingen blijken diepe sporen te kunnen trekken in het kerkelijk leven. Durf je dingen bespreekbaar te maken? De grote wereldproblemen aan de orde te stellen? Of is men daar niet zo van gediend? ‘Mensen hebben al gekozen voor de rust van het dorp’, aldus een voorganger. ’Durf ik die keus ter discussie te stellen? Durf ik mee te gaan in hoe de mensen denken?’

Niet buiten schot

Er ontspint zich een discussie over de vraag welke positie je moet innemen als predikant. Moet je een soort ‘tegenover’ zijn? ‘Dat ben je al, want mensen verwachten dat je dingen duidt.’ Een ander benadrukt dat je zelf niet buiten schot moet blijven. ‘Neem de gemeente eens mee vanuit je eigen worsteling. Preken is ook tegen jezelf spreken.’

De deelnemers krijgen het verzoek om een stukje preektekst te maken ‘die je haast niet zou durven uitspreken, terwijl je eigenlijk vindt dat het gezegd moet worden.’ Een van de aanwezigen zou de ‘vele toegewijde motorliefhebbers’ in zijn gemeente wel eens wat willen vragen. Hij zal dat op zondag niet snel doen, want sommigen van hen balanceren op de rand van de kerkelijke betrokkenheid. Maar hier dan toch wel, en met veel passie: ‘Hoeveel km/u ga je voor God? Kick jij op je knalpijp of word je gelukkig van Gods liefde?’

 

Anneke Verhoeven